Een lintje voor de buurvrouw en haar kinderen…

Vrijdagavond zat ik in schouwburg De Leest, bij de jaarlijkse bijeenkomst voor gedecoreerden in Waalwijk. Altijd een bijzondere avond. Mensen die zich jarenlang hebben ingezet voor de samenleving, die zichtbaar en terecht (?)even in het zonnetje worden gezet. Voor mij ook een reünie van bekende mensen die ik dan weer eens zie.

Zelf kreeg ik in 2014 een lintje. De “laagste orde”, zeg ik er altijd maar een beetje luchtig bij. Maar eerlijk is eerlijk, het lintje zelf vond ik minder bijzonder dan het proces ernaartoe. Het idee dat iemand de moeite heeft genomen om alles op papier te zetten, om mijn inzet te onderbouwen, om te zeggen dit verdient erkenning. Dat maakt het bijzonder En toch… vrijdagavond zat ik daar met een lichte twijfel.

Wat opviel? Veel vitaal grijs. Veel mannen. En laten we het maar gewoon benoemen, een overwegend witte zaal. Natuurlijk waren er uitzonderingen, een vrouw van Antilliaanse afkomst, een man met een andere achtergrond, maar het bleef schaars. En toen dacht ik, wie zien we hier eigenlijk wél… en wie niet?

Want terwijl daar mensen in het zonnetje werden gezet en dat mag , laat dat duidelijk zijn moest ik denken aan mijn buurvrouw en haar kinderen

Zij doen geen “officieel” vrijwilligerswerk. Ze staat niet op lijsten, zit niet in besturen en vullen geen formulieren in of zitten in de politiek. Maar ze zorgen voor mensen die het nodig hebben. Koken maaltijden, delen boodschappen uit, houden een oogje in het zeil. Niet één keer, niet projectmatig, maar gewoon… altijd. Omdat ze vindt dat dat zo hoort.

Hun wereld is groter dan hun straat. “Buren” zijn voor hun geen huisnummers, maar mensen. Soms worden dat zelfs familie, zonder dat er bloedbanden aan te pas komen.

En ik weet bijna zeker, zij krijgen nooit een lintje.

Niet omdat ze het niet verdienen, integendeel. Maar omdat wat zij doen niet netjes past in de criteria. Geen officiële organisatie waarbij ze zijn geregistreerd. Het is te informeel, te vanzelfsprekend, te weinig vastgelegd. Geen jarenlange bestuursfunctie, geen raadslid etc en geen stapel bewijsstukken. Gewoon goed doen. Dag in, dag uit.

En toen dacht ik, misschien wringt daar iets.

Begrijp me goed , ik ben niet tegen lintjes , ik ken genoeg mensen die er trots op zijn. Waardering uitspreken is belangrijk. Mensen mogen gezien worden. Maar het systeem lijkt vooral ingericht op wat meetbaar is, jaren, functies, titels. Terwijl juist het onzichtbare werk het zorgen, het omkijken naar elkaar zo vaak buiten beeld blijft. Misschien is het tijd om daar anders naar te kijken.

Wat als we waardering dichterbij organiseren? In de buurt, in de straat. Dat mensen elkaar kunnen voordragen. Niet op basis van hoeveel jaar je ergens officieel vrijwilliger bent, maar op basis van wat je daadwerkelijk betekent voor anderen. Dat verhalen zwaarder wegen dan formulieren.

Ja, dat zou in het begin misschien een stormloop geven. Maar misschien is dat juist wel veelzeggend. Misschien laat dat zien hoeveel goedheid er al is, zonder dat we die echt benoemen.

En laten we eerlijk zijn de meeste mensen doen het vrijwilligerswerk niet voor een lintje. Die doen het voor een glimlach, een bedankje, een kind dat weer lacht, een buur die het nét redt. Je krijgt er iets voor terug wat niet op te spelden is, verbondenheid, warmte, soms zelfs liefde.

Misschien moeten we dát meer vieren.

Niet omdat de één beter is dan de ander, maar omdat het goede voorbeeld aanstekelijk werkt. Omdat het laat zien dat zorgen voor elkaar geen uitzondering hoeft te zijn, maar iets heel normaals. Onze burgemeester noemt vrijwilligers het bindweefsel van de samenleving. Ik neem aan dat ze daarmee ook het niet zichtbare vrijwilligerswerk bedoeld. Dat mensen die echt omkijken naar elkaar daar ook bij horen.

Dus ja, misschien is het een gek idee. Maar als ik mocht kiezen?

Dan gaf ik morgen een lintje aan mijn buurvrouw en haar kinderen….
Gewoon, bij de voordeur. Zonder protocol met een extra mooie bos bloemen en een dikke kus!

En ik weet zeker, ze zouden zeggen dat het nergens voor nodig was. Maar voor mij maakt het een wereld van verschil.

Margriet

April 2026

Agressie in de zorg, van begrip naar grens

Agressie in de zorg neemt toe en gaat verder dan begrijpelijke emotie. Boosheid mag, maar bedreiging en intimidatie zijn grenzen die steeds vaker worden overschreden. Dit gedrag is aangeleerd: wie het hardst schreeuwt, krijgt vaak zijn zin. Het probleem ligt niet bij afkomst, maar bij veranderende normen, wantrouwen en een groeiend gevoel van “recht hebben op”. De zwijgende meerderheid laat te weinig van zich horen, waardoor negatief gedrag de toon zet. Oplossingen liggen in duidelijke grenzen, consequente handhaving en steun voor zorgverleners. Uiteindelijk vraagt het ook iets van ons allemaal: meer verantwoordelijkheid nemen voor hoe we met elkaar omgaan.

De posters hangen er. In wachtkamers, gangen en bij de ingang van het ziekenhuis…”Agressie wordt niet getolereerd.” Ook bij het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis kom je ze tegen. Duidelijk, zichtbaar, bijna geruststellend. Maar wie even verder kijkt of beter gezegd, luistert, hoort iets anders. Verhalen van verpleegkundigen die worden uitgescholden. Huisartsen die bedreigingen krijgen. Ambulancepersoneel dat niet veilig een patiënt kan bereiken. Thuiszorg medewerkers gaan alleen op pad en vallen soms te prooi aan agressie, vaak door familie.

De vraag is dus niet óf het gebeurt. De vraag is, waarom accepteren we het nog steeds?

Emotie is geen excuus voor agressie

Laten we één ding helder hebben .. zorg is emotie. Angst, pijn, onzekerheid, het hoort er allemaal bij. Wie naast een ziek kind zit of een ouder ziet aftakelen, zit niet rationeel te wachten op een behandelplan. Daar zit een mens. En die mag boos zijn.

Maar ergens zijn we een grens kwijtgeraakt. Want boos zijn is iets anders dan dreigen. Frustratie is iets anders dan intimideren. En onmacht is geen vrijbrief om een verpleegkundige in een hoek te drukken met zeven familieleden eromheen.

Wat daar gebeurt, is geen emotie meer. Dat is macht.

Het ‘korte lontje’ is geen natuurverschijnsel

We praten er vaak over alsof het weer is, “De maatschappij verhardt.” Alsof het ons overkomt. Maar dat is te makkelijk wat mij betreft. Wat we zien, is aangeleerd gedrag. Jarenlang hebben mensen ervaren dat wie het hardst schreeuwt, het meest gedaan krijgt. In de supermarkt, bij de gemeente, bij verzekeraars en ja, ook in de zorg. De les is simpel en gevaarlijk tegelijk.
Druk uitoefenen loont. En als dat eenmaal werkt, ga je een stap verder. Van boos praten naar schreeuwen. Van schreeuwen naar dreigen. En soms naar fysiek geweld.

Het probleem zit niet waar we het zoeken

Het is verleidelijk om naar “de ander” te wijzen. Naar mensen met een andere achtergrond, een andere cultuur, een andere taal. Maar opvallend genoeg hoor je uit de praktijk vaak iets anders, dat respect juist daar vaak wél aanwezig is. Dus nee, dit is geen kwestie van afkomst.

Dit is een kwestie van normen en waarden. Van opvoeding. Van voorbeeldgedrag. Van een samenleving waarin “ik heb recht op” vaker klinkt dan “wat is redelijk?”. Ook van een groeiend gevoel van wantrouwen tegen instanties is een van de oorzaken. Tegen de overheid. Tegen de zorg. Wie denkt dat het systeem niet voor hem werkt, gaat het systeem bevechten. Soms letterlijk.

De zwijgende meerderheid is het echte probleem

De meeste mensen gedragen zich prima. Echt. Maar ze zeggen niets. Niet in de wachtkamer als iemand uit zijn dak gaat.
Niet online als zorgverleners worden weggezet als “lui” of “onverschillig”.
Niet in het dagelijks gesprek waarin steeds vaker wordt gesproken over “recht hebben op”. Ze zwijgen om zelf niet het slachtoffer te worden. En ondertussen bepalen de luidste stemmen het beeld en zwijgt de grote meerderheid om zelf geen slachtoffer te worden.

Dat is misschien wel het grootste probleem van allemaal. Ik heb “ recht op” versus “ Ik wil geen slachtoffer worden”.

Oplossingen zijn er maar ze vragen lef

We weten eigenlijk al best goed wat werkt. Kijk naar de huisartsenposten waar toegangscontrole is. Waar niet hele families mee naar binnen kunnen. Waar duidelijke regels zijn en die ook worden gehandhaafd. Niet daar niets gebeurd maar door duidelijkheid zijn er minder escalaties. Bij de huisartsenpost kan je ook niet zomaar naar binnen, of in een spreekkamer komen. (Dat is in een gewone huisartsenpraktijk of ziekenhuis wel anders.) Dat helpt. Niet omdat mensen ineens anders worden, maar omdat de omgeving grenzen stelt. Maar het gaat verder dan praktische maatregelen. Dit vraagt ook iets van ons als samenleving:

  • Duidelijke grenzen stellen
    Niet alleen met posters, maar met consequenties. Agressie moet altijd een gevolg hebben. Altijd.
  • Zorgverleners rugdekking geven
    Niet alleen in woorden, maar in beleid. Aangifte doen moet de norm zijn, niet de uitzondering.
  • Normaal gedrag weer benoemen
    Fatsoen is niet “ouderwets”. Het is de basis. En ja, dat mag je hardop zeggen.
  • De stilte doorbreken
    In de wachtkamer. Online. Thuis. Niet agressief, maar wel duidelijk, dit is niet oké.

En misschien de lastigste vraag

Zijn we bereid om iets van onszelf in te leveren? Want een samenleving waarin iedereen zijn recht opeist zonder naar de ander te kijken, wordt uiteindelijk een plek waar de sterkste wint. En in de zorg zou dat juist de plek moeten zijn waar de kwetsbaarste beschermd wordt.

Dus nee, agressie in de zorg is geen losstaand probleem. Het is een spiegel.

De vraag is alleen… durven we erin te kijken?


Wat vind jij?
Is dit vooral een probleem van individuen met een kort lontje, of zegt het iets fundamenteels over hoe wij als samenleving met elkaar omgaan? Ik zeer benieuwd naar je reactie

Margriet

April 2026

Stop met denken in “wij en zij”, denk in ONS

Terwijl ik dit schrijf, kijk ik op televisie naar de Holocaustherdenking. Ik zie het verdriet. De breekbaarheid. De angst die mensen toen hebben gevoeld en die voor sommigen nooit helemaal is verdwenen. Mensen die werden vervolgd om wie ze waren. Zonder recht. Zonder bescherming. Ontmenselijkt, stap voor stap. Sinti’s, Roma’s, Homo’s, Joden etc. vervolgd en vermoord omdat iemand bedacht had dat zij een gevaar waren, of er niet bij hoorden…..

En terwijl die beelden voorbij komen, zie ik op hetzelfde moment wat er nu gebeurt in Amerika. In Minneapolis is onrust uitgebroken na de dood van Alex Pretti, een verpleegkundige die door federale immigratieagenten werd doodgeschoten. Protesten, afgelaste sportwedstrijden en concerten, woede en wantrouwen. Het laat zien wat er gebeurt als een overheid groepen mensen tot probleem verklaart en hard optreedt, zonder ruimte voor menselijkheid of nuance. Zonder recht.

Wat mij raakt en eerlijk gezegd ook bang maakt, is hoe dichtbij dit voelt. Alsof het verleden niet ver weg is, maar naast ons staat. Want ook in Nederland zie ik hoe polarisatie steeds normaler wordt. Hoe mensen weer worden weggezet als gevaar, als minderwaardig, als “de ander”. Hoe woorden worden gebruikt als wapens. Hoe er gedacht in “wij en zij”. De woningnood komt door asielzoekers, Moslims zijn een gevaar, mensen moeten terug naar eigen land terwijl ze hier geboren zijn, geen nuance… voor mij is het domheid! Nog geen ICE hier, maar wel mensen met hetzelfde gedachtengoed…en dat is al zeer bedreigend. Alles wat niet goed gaat of waarvan men denkt dat dit niet in hun straatje past komt door “zij”

Politiek draagt daar een enorme verantwoordelijkheid in en die wordt te vaak niet genomen. Wanneer iemand als bijvoorbeeld Geert Wilders ( en helaas zijn er veel meer) blijft roepen dat Moslims slecht zijn, dan wordt een hele groep mensen gereduceerd tot één karikatuur. Terwijl ik denk en weet dat de meeste Moslims gewoon goede mensen zijn. Net zoals de meeste Katholieken goede mensen zijn. Net zoals de meeste mensen zonder geloof goede mensen zijn. In elke groep zitten rotte appels, maar die bepalen nooit het geheel.

Toch doen we alsof dat wel zo is. Alsof “zij” het probleem zijn en “wij” het slachtoffer. Alsof verdeeldheid een oplossing is. Terwijl de geschiedenis pijnlijk duidelijk, vandaag nog herdacht ons leert waar dat toe kan leiden. Op de televisie wordt het lied gezongen “ ik wil niet bang zijn” van Maarten Peters, samen gezongen met een kind Jedidja Loonstein. Helaas kan ik dit indrukwekkend lied met Jedidja niet vinden maar hier het origineel https://youtu.be/wdPk0R2KRzw

Wat ik zie in de ogen van overlevenden van de Holocaust en hun nazaten, is niet alleen verdriet om wat was, maar ook angst voor wat kan terugkomen. Voor het moment waarop mensen opnieuw tegenover elkaar worden gezet. Waarop haat weer wordt genormaliseerd. Waarop medemenselijkheid plaatsmaakt voor slogans.

Ik blijf mij daartegen uitspreken. Tegen het denken in wij versus zij. Tegen het vergiftigen van het publieke debat. Tegen politiek die verdeelt in plaats van verbindt.

Laten we stoppen met elkaar etiketten opplakken.

Laten we stoppen met groepen wegzetten.

Laten we beginnen met denken in ons.

Niet omdat we het altijd eens moeten zijn maar omdat samenleven vraagt om geven en nemen, om luisteren, om samenwerken aan de best mogelijke toekomst voor iedereen. Daar zou de politiek op moeten investeren! Dat zou de mensheid juist goed doen. Elkander wegzetten als ongeloofwaardig, woke etc is het toppunt van “domheid” . We hebben elkaar nodig. Nederland die juist zo goed was in het zoeken naar de middenweg, elkaar overtuigen in discussie maar ook accepteren dat een ander een goed punt heeft, is geworden tot “ wij en zij” zonder argumenten, oneliners , in de overtuiging dat er maar één waarheid is

De herdenking op televisie is geen geschiedenisles.

Het is een waarschuwing.

En die moeten we serieus nemen.

Margriet

Januari 2026

Geen geld voor armoede, wel 129 miljoen voor vuurwerk

Ik ben boos.

En nee, dat is geen emotie van het moment. Dit is opgekropte woede over wat we normaal zijn gaan vinden.

Met oud en nieuw ging er in Nederland 129 miljoen euro de lucht in. Ook in en rond Waalwijk knalde het brandde het, werd er gesloopt.

Wellicht niet zo erg als in grotere steden waar nog meer Auto’s werden beschadigd, straten vernield, hulpverleners bekogeld. En toch hoorde ik het weer: “Het hoort erbij.”

Traditie. Ontlading. Begrip.

Maar laat ik het heel concreet maken, in Waalwijk groeien 100 kinderen op in armoede. In Nederland 115.000 minderjarige in armoede..

Dus in mijn omgeving 100 kinderen die elke dag voelen wat tekort is. En ondertussen steken wij zonder schaamte miljoenen in brand.

– Vertel mij dan niet dat Nederland te duur is.

– Vertel mij niet dat “de overheid alles afpakt”.

Als mensen honderden euro’s, soms duizenden, kunnen uitgeven aan vuurwerk, dan is het probleem geen geldgebrek. Het probleem is morele keuzes.

Wat mij misschien nog wel het meest woedend maakt, is het gemak waarmee we de schuld steeds buiten onszelf leggen.

Als er iets gebeurt bij een AZC, dan staat het oordeel klaar. Dan wijzen we naar asielzoekers, naar moslims, naar “die mensen”.

Maar laten we eerlijk zijn, bij protesten tegen een AZC zijn het geen asielzoekers die vernielen. Het zijn bewoners van Nederland. Mensen uit dorpen en steden zoals de onze. Mensen die zeggen dat ze “bezorgd” zijn. En ondertussen, hekken kapot, ruiten in, brandstichting, politie bekogeld.

En dan heet het ineens “emoties lopen hoog op” Dan is er begrip.

Nee.

– Vernieling is geen mening.

– Geweld is geen protest.

– En racisme is geen recht.

Ook met oud en nieuw zien we hetzelfde patroon. We doen alsof het alleen “hooligans” zijn. Alsof dit een kleine groep is. Maar wie eerlijk kijkt, ziet dat het veel breder is. Dit gebeurt in woonwijken. Door mensen met banen, huizen en gezinnen. Veelal mannelijke jongeren, jongvolwassenen en volwassenen.

Dit is geen randprobleem. Dit is een fatsoensprobleem. Maar fatsoen is geen luxe. Het is de basis van samenleven.

En stop alsjeblieft met doen alsof politie en handhavers “de overheid” zijn. Het zijn mensen. Vaders en moeders uit deze regio. Mensen die liever thuis waren geweest, maar nu vuurwerk moesten ontwijken terwijl ze hun werk deden. Er werd gericht met vuurwerk “ geschoten”, met kartonnen buizen om nóg beter te kunnen richten. Hoe dan?

Wie hulpverleners aanvalt, valt Nederland aan. Zo simpel is het. Ik geloof niet in hardere straffen. Dat werkt niet. In Amerika zitten de gevangenissen vol met mensen met 2 , 3 jaar levenslang en ze moorden daar nog steeds.

Maar ik ben klaar met eindeloos begrip. Je sloopt iets in je buurt? Dan herstel je het. Je steekt iets in brand? Dan betaal je het terug. Je hebt geld voor zwaar vuurwerk, maar zegt dat je het leven niet kunt betalen? Dan klopt er iets niet.

En ja, ik weet dat is niet voor iedereen eerlijk. ( arm en rijk) Maar armoede is ook niet eerlijk. En toch accepteren we het dat kinderen hier met minder opgroeien, terwijl we massaal geld laten ontploffen.

Wat zegt dat over ons? We breken onze eigen wijk, dorp, stad, land af en noemen het feest. We veroordelen “de ander”, maar kijken weg als het geweld van onszelf komt.

Het geweld komt niet van buiten. Het zit hier. En zolang we dat niet durven zeggen, zijn we onderdeel van het probleem.

En ondertussen blijven die honderd kinderen hier in Waalwijk in armoede gewoon bestaan. Dag na dag.

– Dit gaat niet over vuurwerk.

– Dit gaat over keuzes.

– Over wie we beschermen.

– En wie we laten vallen.

Nederland verdient beter dan dit.

Wie onze wijken afbreekt, hoeft geen begrip te verwachten.

Fatsoen is geen traditie. Het is een verantwoordelijkheid.

Margriet

2 januari 2025

Appeltjes en peren vergelijken

Appeltjes en peren vergelijken,

De wereld staat in brand, zelfs hier in Nederland laten we ons horen. Voor alles waar we het niet mee eens zijn mogen we ons uiten, gelukkig. 

Boerenprotest

Nu zijn de boeren weer kwaad want er moet minder eiwit in het voer om de CO2 uitstoot te verminderen. Het is schijnbaar niet goed voor de dieren, dus gaan we de weg maar weer op. Alsof de koeien jaar in jaar uit laten kalveren goed voor ze is, de koe blijven melken ook al is er geen kalf meer maar voor ons mensen om melk te hebben goed voor de koe is. Nee laten we eerlijk zijn zolang we vlees eten en melk gebruiken (ik ook hoor, wel niet dagelijks maar ik eet het ook) is het voor geen enkel dier goed.

De boeren die zo hard roepen dat ze voor ons eten zorgen vergeten dat ze ongeveer 75% naar het buitenland exporteren en Nederland dus heel veel importeert.

De 1,5 meter maatschappij kent ook zo zijn voor-en tegenstanders. Gelukkig wonen we in Nederland en mogen we dat ook weer uiten. Maar wie nu gelijk heeft zal in de toekomst moeten blijken. We protesteren wat af om ons gelijk af te willen dwingen.

Black lives matters, zeker weten, maar Nederland is geen USA, Natuurlijk is hier racisme en dat zal blijven ook. Ik zou de spreuk “Black lives matters” graag willen ombuigen naar “All Lives matters”. 

Het gaat niet alleen om een huidskleur, het gaat niet alleen om slavernij in het verleden (alhoewel we ons vuile werk graag overlaten aan andere, voor een klein loontje, is dat dan moderne slavernij?)

Er is weer een opkomst in het antisemitisme, homo’s en lesbiennes worden bedreigd of in elkaar geslagen, de buurjongen met een Marokkaanse naam heeft moeite om een geschikte uitdagende stage te vinden. Knappe mensen krijgen eerder een baan dan mensen die niet zó knap zijn, etc etc. Iemand met een beperking heeft minder kansen dan iemand die geen beperkingen heeft. Een blanke vrouw die ouder is dan haar Afrikaanse zwarte man wordt versleten voor viezerik, een man die een jong bloemetje aan de haak heeft geslagen wordt geprezen.

De vluchtelingen die hun land hebben ontvlucht voor een oorlog moeten eigenlijk maar weer terug, in ieder geval moeten we ze niet in Nederland hebben…Opvang in grote vluchtelingenkampen nabij eigen thuisland heeft de voorkeur van vele nederlanders. En kinderen uit het Kalifaat die alleen rondzwerven in kampen en een prooi voor iedereen zijn die wat van ze wil…nee laten we die vooral niet naar Nederland halen, en daar zitten dus hele kleine kinderen bij. Je begrijpt dat ik daar dus niet mee eens ben.

Volgens mij wordt het tijd om eens na te denken over ons eigen gedrag. Natuurlijk zijn er verbeterpunten in Nederland, maar ik kan mijn mening uiten, mag de straat op om te protesteren, en kan mijn mening kwijt op bijvoorbeeld sociale media zonder dat ik in gevaar loop in de gevangenis te komen of erger.

Vandaag schreef een voormalige vluchteling uit Ar-Raqqah over zijn leven in een corrupt land, (Syrië) een land van dictatoren, een land in verdeeldheid met oorlog wat hem heeft laten vluchten. Zijn gemis over zijn familie, zij die niet meer leven door het regime, de enorme verdrietige ellende wat hem is overkomen en vele anderen… 

Dan ben ik zo blij dat ik in Nederland woon met boeren die boos zijn, de 1,5 meter maatschappij in discussie en verdeeldheid, de buurjongen die het lastig heeft (hij heeft trouwens een mooie stage hoor) door zijn achternaam, de gekleurde mens die zeker racisme meemaakt (maar niet zoals in Amerika), het feit dat we nog steeds mensen niet zien als gelijke ongeacht waar je vandaan komt, je geloof, uiterlijkheden en geaardheden zal denk ik niet veranderen. Maar ik probeer het goede in elk mens te zien, maakt me niet uit wie, en natuurlijk heb ik ook vooroordelen, ik ben geen heilige maar probeer het beste van iedereen te zien…dat is toch een mooi streven?

Margriet

8 juli 2020

Maak een website of blog op WordPress.com

Omhoog ↑